Statistisch lopen ouderen een verhoogd risico op verdrinking. Ga dus af en toe eens zwemmen in het lokale zwembad om dit bij te houden.
Statistisch lopen ouderen een verhoogd risico op verdrinking. Ga dus af en toe eens zwemmen in het lokale zwembad om dit bij te houden.

Hoe voorkomen we verdrinkingsdood?

Algemeen

Met de aanhoudend warme zomer tot nu toe zoeken veel mensen verkoeling. Het is gezellig druk bij de recreatieplassen en buitenbaden in de regio, maar ook aan de stranden is het altijd druk bij mooi weer. Wie dan gaat zwemmen doet er goed aan om de veiligheid in acht te nemen én alert te blijven op verdrinkingsrisico’s van anderen.

TWENTE - Volgens het CBS is het aantal verdrinkingsdoden de afgelopen twintig jaar redelijk stabiel; rond de 80-90 per jaar. Statistisch komen de meeste verdrinkingen voor onder de leeftijdsgroep ouderen vanaf 60 jaar; in 53 procent van de gevallen gaat het om deze leeftijdsgroep. Jongeren zijn het minst vaak slachtoffer van verdrinking; zij hebben bijvoorbeeld een wat betere conditie of recentere ervaring met zwemmen.

Toch is dit laatste zeker een punt van zorg: de zwemvaardigheid van de jeugd is helaas slechter geworden. Zo trok de Reddingsbrigade afgelopen jaar al aan de bel doordat door corona minder zwemles gegeven kon worden. Bovendien behalen veel kinderen alleen het zwemdiploma A en B, terwijl de Reddingsbrigade ook adviseert om diploma C te halen.

Zwemvaardigheid is net als andere zaken iets wat je wel op peil moet houden. Hetzelfde gaat namelijk ook op voor ons als volwassenen. Wie al sinds de kindstijd niet zwemt loopt een groter risico om in de problemen te komen. Een keer een herhalingsles bij uw plaatselijke zwembad kan dan ook zeker geen kwaad.

Een andere risicogroep zijn mensen van niet-Nederlandse afkomst. In Nederland hebben we nog een relatief sterke zwemcultuur, waarbij ouders vaak met de kinderen naar een zwembad gaan en veel kinderen nog zwemles krijgen. Bij gezinnen met een niet-westerse achtergrond is dit helaas doorgaans niet zo. Zij verdrinken statistisch drie keer zo vaak als autochtone Nederlanders. Er zijn gelukkig steeds meer initiatieven om ook hen beter te laten zwemmen om hun veiligheid te vergroten. Daarnaast worden ook steeds meer gevaarlijke zwemsituaties aangegeven met meertalige borden. Immers, een bord met ‘gevaarlijke stroming’ in het Nederlands is voor anderen weinig zeggend zonder context. Speciale aandacht is er nu voor Oekraïense vluchtelingen; ook voor hen zijn er waarschuwingsborden geplaatst.

Wie een zwemmer in de problemen signaleert doet er verstandig aan om wat tips in acht te nemen. Spring niet direct zelf het water in, maar alarmeer ook omstanders en hulpdiensten. Zo weten anderen ook dat er een reddingsactie is. Werp het liefst een drijfmiddel naar de drenkeling, zoals een reddingsboei, luchtbed of plastic bal. Ga alleen zelf redden wanneer je fit en capabel genoeg bent. Anders is er het risico dat twéé mensen gered moeten worden. Is er sprake van stroming zoals in een mui bij de zee? Strem niet tegen de stroming in, maar laat je meevoeren en zwem dan evenwijdig aan de kust naar de zijkant uit.

!